







Achteruit parkeren
Moeiteloos parkeren... in achteruit
Stress vermijden
Klaar om te parkeren?
Goed, daar gaan we.

Eén: u rijdt achteruit met de wielen in een rechte lijn.
Twee: zodra de achterste stijl van de auto (of de rugleuning van de achterbank) op dezelfde hoogte staat als de bumper van de auto naast u (waarachter u dus wilt parkeren), draait u uw stuur over om de parkeerplaats in te rijden.
Drie: wanneer de middelste stijl van de auto (of de rugleuning van de passagierszetel) op dezelfde hoogte komt als de bumper van de geparkeerde auto, draait u de wielen zodat u ze weer op een rechte lijn kunt zetten.
Vier: u blijft zo achteruit rijden tot de voorste stijl van uw auto (of de voorruit) op dezelfde lijn staat als de bumper van de geparkeerde wagen staat.
Vijf: u draait uw stuur om zodat de auto geleidelijk op één lijn met de auto’s voor en achter u komt te staan. Zo nodig rijdt u nog even voor- en achteruit om helemaal goed te staan.
Op het praktisch rijexamen mag u de plaats weer uitrijden om opnieuw te beginnen, maar één "bumperkus" en u kunt uw rijbewijs vergeten.
Deze proef kan de makkelijkste of de moeilijkste zijn van het hele examen, dat hangt van ù af.
Oefen dus eerst een paar keer op een rustig plekje waar niemand u bezig ziet. U zal zien: in het "normale" verkeer voert u deze beweging daarna in één handomdraai uit!




