Auto blijft koning van het woon-werkverkeer, maar potentieel van fiets en openbaar vervoer is groot

woensdag, 13 maart, 2019

De files worden jaar na jaar langer, de impact van de auto op het milieu en de gezondheid wordt duidelijker en er bieden zich steeds meer alternatieven voor het woon-werkverkeer aan. En toch blijven meer dan 6 op 10 Belgen kiezen voor het comfort en de vrijheid van hun wagen om zich naar het werk te begeven. Er zit echter beweging in de zaak. 1 Belg op 4 heeft zijn verplaatsingsgedrag al aangepast, eenzelfde groep wil dit de komende jaren doen. Dit alles blijkt uit een uitgebreid onderzoek van AG Insurance, ondersteund door Touring, dat een dieper inzicht biedt in het mobiliteitsgedrag van de Belg in zijn woon-werkverkeer. 

 

Over het onderzoek

  • Online enquête in opdracht van AG Insurance uitgevoerd door InSites Consulting, tussen 10 en 17 januari 2019 bij 1514 ondervraagden, waarvan iets meer dan de helft (786) professioneel actief is. De resultaten zijn representatief voor de hele bevolking.
  •  De studie heeft tot doel een beter inzicht te krijgen in de huidige mobiliteitssituatie van de Belgen en hun gedrag en emoties, maar daarnaast ook beter de evoluties en veranderingen in de mobiliteitsbehoeften van Belgen te begrijpen.
  • Als eerste deel publiceren we de resultaten rond bezit van vervoermiddelen en het woon-werkverkeer

 

Koning Auto, nu en straks

De auto is het dominante vervoermiddel van de Belg. Bijna 9 op 10 gezinnen (88%) heeft minstens een auto, 30% meer dan 1. Die dominantie houdt ook aan, want 22% van de gezinnen heeft het afgelopen jaar een wagen gekocht en 1 op 4 (25%) wil dit jaar een wagen te kopen.

 

Slechts iets meer dan 1 gezin op 2 (53%) beschikt over minstens 1 fiets. Maar dat percentage ligt in Vlaanderen wel dubbel zo hoog dan in Wallonië (68% versus 32%). De elektrische fiets vindt dan weer meer en meer ingang. Al 1 gezin op 7 (14%) heeft een elektrische fiets, opnieuw vooral in Vlaanderen: 18% versus 8% in Franstalig België.

 

Bedrijfswagens zijn en blijven wijdverspreid in België. 1 gezin op 5 (19%) beschikt over minstens 1 bedrijfswagen. Als men enkel rekening houdt met de werkende bevolking, heeft zelfs meer dan 1 gezin op 3 (36%) er een. Het zijn vooral de jongere gezinnen die over een bedrijfswagen beschikken. Bij de 25- tot 34-jarigen stijgt hun aantal tot bijna 4 op 10 (39%).

 

Van thuis tot werk: dichterbij dan je denkt…

Hoeveel kilometers doet de Belg erover om op zijn werkplaats te geraken? En hoe lang doet hij erover? De enquête van AG Insurance brengt hier enkele interessante inzichten.

 

  • 1 Belg op 2 (49%) woont binnen een straal van 10 km van zijn werk. Slechts 1 op 4 (27%) woont op meer dan 20 km.  
  • Slechts 1 pendelaar op 3 doet meer dan 30 minuten over zijn verplaatsing naar het werk. 1 op 3 is zelfs op minder dan een kwartier op zijn werkplek.  

 

 

… maar toch liefst met de auto

Ondanks het feit dat de helft van alle werkenden binnen een straal van 10 km van zijn werkplaats woont, gebruikt 62% van de actieve bevolking voornamelijk de auto om zich naar zijn of haar werk te begeven. Minder dan 1 op 4 werkenden (23%) gebruikt het openbaar vervoer, 1 op 5 de (al dan niet elektrische) fiets.

 

Grafiek 1 – Voornaamste vervoermiddelen (max 2) in woon-werkverkeer

Grafiek 1 – Voornaamste vervoermiddelen (max 2) in woon-werkverkeer

 

Maar wie zijn die hardnekkige autogebruikers en wat is de afstand tot hun werk?

De enquête wijst uit dat 58% van de werkenden die binnen de 10 km van hun werkplaats wonen, hiervoor de auto gebruikt. Op een andere manier voorgesteld: 41% van alle autopendelaars woont op maximum 10 km van zijn of haar werk. Deze werknemers stimuleren om te kiezen voor de fiets, andere vervoermiddelen of openbaar vervoer zou dus een grote impact kunnen hebben op files en milieu.

 

Grafiek 2 – aandeel auto in totale pendelverkeer in functie van afstand woon-werkplaats

Grafiek 2 – aandeel auto in totale pendelverkeer in functie van afstand woon-werkplaats

 

Tevreden in de file

Voor wie er elke dag in staat, zal het een magere troost zijn, maar al bij al blijkt het nog mee te vallen met de files.
De Belgische autopendelaar staat gemiddeld 12 minuten per dag in de file. Slechts 1 op 3 (32%) verliest meer dan 15 minuten per dag in de file. Wellicht verklaren die cijfers ook mee de relatief hoge tevredenheid van de autopendelaars: slechts 5% van hen verklaart zich ontevreden over zijn woon/werkverplaatsing. 81% is eerder of heel tevreden.

 

Voor gebruikers van het openbaar vervoer liggen de cijfers enigszins anders. De gemiddelde gebruiker hiervan verliest 16 minuten per dag aan vertragingen. 4 gebruikers op 10 verliezen hierbij meer dan 15 minuten. Niet verwonderlijk dat het openbaar vervoer qua tevredenheid veel lager scoort. 51% is eerder of heel tevreden, 22% is ontevreden.

 

Potentieel voor alternatieve vervoermiddelen

Files, vertragingen, nieuwe vervoermiddelen, milieubewustzijn… redenen genoeg voor de Belg om zijn of haar mobiliteitsgedrag in het woon-werkverkeer aan te passen. Maar heeft hij de voorbije jaren al iets concreets ondernomen? Of heeft hij de intentie om zijn gedrag binnen de 3 jaar aan te passen?

 

De enquête van AG Insurance leert alvast dat heel wat Belgen wel degelijk reeds overgestapt zijn naar alternatieve vervoermiddelen. De populairste hiervan zijn:

 

  • het openbaar vervoer: 1 Belg op 4 (24%) gebruikt nu al vaker trein, tram of bus;
  • de fiets: 22% verklaart nu al vaker met de (elektrische) fiets naar het werk te gaan;
  • carpoolen: 15% van de Belgen doet al meer aan carpoolen dan vroeger.

 

De alternatieven hebben bovendien nog een mooi groeipotentieel, en dan vooral de fiets: 1 Belg op 4 (24%) wil de komende jaren vaker de fiets gebruiken om naar het werk te rijden. Maar ook vaker het openbaar vervoer gebruiken (19%) en vaker carpoolen (18%) behoren tot de intenties van 1 op 5 werkenden.  Daartegenover staat dat 57% van de Belgen niet van plan is om de komende jaren met het openbaar vervoer te pendelen. Als voornaamste reden om dit niet te doen, wordt verwezen naar slechte verbindingen (53%), vertragingen en afschaffingen (40%), te lage frequentie (35%) en te duur (35%).

 

Toch zouden meer dan 6 op 10 gezinnen vaker het openbaar vervoer gebruiken indien dit beter bereikbaar (66%), stipter (61%), goedkoper (60%) zou zijn. Die vaststelling toont aan dat investeren in een ruimer, efficiënter en goedkoper openbaar vervoer het meeste effect zou hebben om het autogebruik, met name in het woon-werkverkeer, te verminderen.

 

Ook telewerk kan een alternatief zijn om de oververzadigde wegen te ontlasten. Reeds 28% van de werkenden doet aan telewerk, waarvan 18% minstens 1 dag per week. Vooral 18- tot 24-jarigen maken hier veelvuldig gebruik van: bijna 1 op 2 jongeren (47%) doet aan telewerk, 3 op 10 (30%) van hen minstens 1 dag per week.

 

Naar een aangepast mobiliteitsbeleid

Edwin Klaps, Directeur Non-life & Broker channel: “Enquêtes als deze verschaffen ons een beter inzicht in het mobiliteitsgedrag en -evoluties van de Belgen, in hun voorkeuren en emoties. Op die manier kunnen we ons aanbod in mobiliteitsoplossingen en onze dienstverlening doen evolueren en beter inspelen op wijzigende klantenbehoeften. Tegelijkertijd maken we de resultaten ook graag publiek omdat ze duidelijk een bredere maatschappelijke relevantie hebben. Op die manier willen we bijdragen tot het publieke debat en een modern, aangepast en breed gedragen mobiliteitsbeleid.

Danny Smagghe, woordvoerder Touring: “Om het basisrecht mobiliteit voor iedereen in de toekomst te kunnen garanderen, zal er versneld moeten worden geïnvesteerd in een combinatie van een hele waaier aan mogelijkheden. Het is duidelijk dat we naar duurzame mobiliteit moeten, inclusief de auto. Daarom was het belangrijk om in deze enquête ook te peilen naar wat de weggebruiker eigenlijk vindt van de voor handen zijnde alternatieven. Daaruit blijkt dat we het de consument vooral gemakkelijker moeten maken om verschillende vervoersmiddelen te combineren, niet alleen met de hulp van intelligente applicaties zoals MaaS, maar ook door het realiseren van multimodale knooppunten waar plaats is voor alternatieven.

 

Voor meer inlichtingen, contacteer:

 

AG Insurance

Gerrit Feyaerts, Press relations
Tel : +32 486 388 624
e-mail : gerrit.feyaerts@aginsurance.be

Touring

Danny Smagghe, woordvoerder
Tél. : +32 475 542 142
e-mail : danny.smagghe@touring.be

 

Deel dit

Perscontact
Danny Smagghe
Danny SMAGGHE

Tel: 

+32 2 233 24 78

Mob: 

+32 476 542 142

danny.smagghe@touring.be

Wetstraat 44
1040 Brussel
België

Volg ons op :