Image
wintersportoutfit - kinderen in de sneeuw
19 januari 2018
Wie gaat wintersporten kan maar beter de juiste kledij inpakken. Met deze 9 do’s en don’ts hou je het lekker droog en warm in de sneeuw.

Of je nu voor de eerste keer gaat wintersporten of niet, deze 9 do’s en don’ts zullen jou een hoop ellende besparen op de piste.

1. Katoen is taboe

Als je in je kleerkast warme kleding vindt op basis van katoen, laat die dan beslist hangen/liggen. Katoen ademt nauwelijks en als je zweet, creëer je een koude laag op je lichaam. Van die laag geraak je niet meer af tot je je na het wintersporten weer omkleedt.

2. Wol die niet kriebelt

Wol is het betere alternatief voor katoen. Last van kriebels? Ga op zoek naar kleding in merinowol. Wol zorgt ervoor dat jouw lichaamswarmte wordt vastgehouden en dat vocht (zweet) aan de volgende laag wordt afgegeven. Investeer met andere woorden in ondergoed in wol want de basislaag is belangrijk als je intensief gaat sporten. Als alternatief is er uitstekend synthetisch ondergoed op de markt. Laat je informeren in een sportwinkel.

3. Wanten of handschoenen?

Feit: wanten zijn warmer dan handschoenen. Idealiter gewatteerd of met dons. Maar uiteraard zijn er uitstekende skihandschoenen in de handel verkrijgbaar. Blijf echter weg van handschoenen/wanten die verdacht weinig geld kosten want daar is doorgaans een goede reden voor.

4. Hoofd, hals en gezicht

Een degelijke helm kan soelaas brengen tegen de koude en je kan je outfit eventueel uitbreiden met een zogeheten ‘face mask’. Deze beschermt zowel je neus als mond. Bescherm je nek eventueel extra met een sjaal of ‘neck-gaiter’.

5. Twee paar sokken over elkaar?

Ook hier geen katoen gebruiken, maar investeer in degelijke skisokken in plaats van twee paar ‘gewone’ kousen over elkaar heen te dragen. Zorg er evenwel voor dat je voeten warm en droog zijn als je je kousen aantrekt.

6. Meerdere lagen

Start met thermisch ondergoed en/of een sportshirt dat vocht afvoert. Daarboven draag je een gelijkaardig shirt met lange mouwen en daarboven eventueel een dunne fleecejack. Als laatste laag is er de skijas, idealiter uitgevoerd met dons. Deze laag kan je eventueel vervangen door een tweede, dikkere fleece.

7. Skibril en/of zonnebril

Vergis je niet, een goede skibril zal er mee voor zorgen dat je gezicht niet (te snel) afkoelt. Belangrijker evenwel is dat een skibril – of zonnebril – jou beschermt tegen de felle zon. De weerkaatsing van de zon op de piste mag je niet onderschatten, het felle licht kan zelfs leiden tot sneeuwblindheid.

8. 100% waterdicht

Wat je als buitenste laag ook draagt, zorg ervoor dat je kledij waterdicht is. Je zal maar een buiteling in de sneeuw maken of op een sneeuwlaag gaan zitten. Ook stoeltjesliften kunnen wel eens nat zijn (en héél koud).

9. Bewegingsvrijheid

Koop niet te strak want je wil en moet kunnen bewegen als je sport. Ga eens helemaal door je knieën bij het passen en zwaai maar eens stevig met je armen. Als je beperkt wordt in je bewegingen, koop dan een maatje groter.

Eerste keer skiën? Ren niet meteen naar de winkel!

Beginnende wintersporters moeten niet meteen een volledige outfit kopen, maar kunnen in eerste instantie eens aankloppen bij vrienden en familie. Wie toch wil investeren, kan op dit ogenblik dankbaar gebruik maken van de koopjesperiode en als je een keuze moet maken, koop dan degelijke skihandschoenen en een helm.

Opgelet evenwel: ski’s lenen bij vrienden is een absolute ‘no go’! Ski’s worden namelijk specifiek afgesteld voor hun gebruikers (gewicht, lengte, type skiër, etc.). Ski’s gebruiken die niet goed zijn afgesteld, is ronduit gevaarlijk. Hier of ter plaatse huren is de boodschap!

Deel deze inhoud