Image
Motorfietsen en scooters als oplossing voor het fileprobleem

Motorrijders kunnen mee het fileprobleem oplossen als de juiste maatregelen genomen worden.

Volgens een onderzoek van Transport & Mobility Leuven kan de totale filelengte tot 40% dalen indien 10% van de automobilisten die nu dagelijks in de file staan met een tweewieler naar het werk zou rijden. Om die 10% te halen, moeten er tal van hindernissen genomen worden.

Dat blijkt uit een Touring-enquête waaraan 6.000 mensen hebben deelgenomen: jong en oud, motorrijders en niet-motorrijders, mannen en vrouwen… We overlopen hieronder enkele opvallende bevindingen.

Motor en scooter: de vooroordelen bestrijden

De Belgische Automobiel- en Tweewielerfederatie (FEBIAC) lanceert Start2Ride, een programma om niet-motorrijders uit te nodigen om ook op de motor of scooter te stappen.

“Er bestaan nog altijd een reeks hardnekkige vooroordelen over motor- en scooterrijden. Die willen we graag de wereld uit helpen”, aldus Stijn Vancuyck. “Met name de vooroordelen over de ongevallen met motorrijders. Uit de jongste cijfers van het BIVV blijkt dat het aantal letselongevallen met gemotoriseerde tweewielers in ons land is gedaald. Nooit eerder waren er zo weinig letselongevallen voor deze twee types van weggebruikers.”

Dat klopt, maar motorongevallen blijken wel drie keer dodelijker te zijn dan ongevallen met auto’s of fietsers.

Rijstages en zichtbaarheid

Bij meer dan een kwart van de ongevallen is enkel een motorrijder betrokken. Onderzoek van het BIVV (“Motac”) leert dat twee oorzaken vaker voorkomen dan andere: verlies van controle door de motorrijder (32% van de ongevallen) en de andere weggebruikers die de motorrijder niet hebben opgemerkt (30% van de ongevallen).

Rijstages kunnen bijdragen tot een betere motorcontrole. Net daarom organiseert Touring dergelijke opleidingen. Het Touring Training Center in Brussel (Vorst) biedt verschillende opleidingen aan voor opstappers en meer ervaren motorrijders. Uit onze enquête blijkt dat een meerderheid van de respondenten voorstander is van een permanente vorming.

Eigenaardig genoeg zijn de motorrijders zelf daar in de minderheid (30,3%), terwijl de niet-motorrijders daar groot voorstander van zijn (65,5%)!

Beschermende en reflecterende kledij

Behalve het verlies van controle is ook het feit dat automobilisten de motorrijder niet op tijd opmerken in één op de drie gevallen de oorzaak van een ongeval. Het BIVV pleit - net als Touring overigens – al jaren voor een correcte uitrusting voor gebruikers van gemotoriseerde tweewielers. Het gaat dan niet alleen om beschermende kledij, maar ook om reflecterende kledij (en helm) die de motorrijder goed zichtbaar moet maken voor de andere weggebruikers.

Ter herinnering: België is een van de weinige Europese landen waar het dragen van beschermende kledij verplicht is. Deze maatregel werd door meer dan 90% van de respondenten toegejuicht! Volgens het BIVV leeft bij reële controles 78,5% van de motorrijders deze verplichting na, terwijl dat bij scootergebruikers slechts 41,4% is. Er is dus nog werk aan de winkel!

Filefilteren

In onze enquête hebben we ook twee vragen over mobiliteit gesteld. De eerste vraag ging over het zogenaamde filefilteren, de tweede over het gebruik van de busstrook door gemotoriseerde tweewielers. Touring is voorstander van beide maatregelen.

Het filefilteren staat sinds 2011 in de wegcode en is een recht, op voorwaarde dat het snelheidsverschil tussen de motorrijder en de automobilist niet groter is dan 20 km/u en dat de motorrijder zijn plaats in het gewone verkeer weer inneemt zodra er sneller dan 50 km/u wordt gereden.

92% van de motorrijders in onze enquête vindt dat een goede zaak (bij de niet-motorrijders is dat 51,3%). De website moto.be herinnert de motorrijders eraan bijzonder attent te zijn bij het filefilteren omdat bepaalde automobilisten de neiging hebben om van rijstrook te veranderen zodra ze ergens een leeg plaatsje spotten en ook omdat ze afgeleid achter het stuur zitten. Denk maar aan het gebruik van gsm achter het stuur.

Motorrijden op busbanen

Wat het gebruik van de busstroken door motor- en scooterrijders betreft, ligt de zaak iets moeilijker: 82 % van de motorrijders is voorstander tegenover slechts 48,4% bij de niet-motorrijders. Het standpunt van het BIVV is genuanceerd. Woordvoerder Benoît Godard:

“Het gebruik van de busstrook door gemotoriseerde tweewielers is een mogelijkheid die voorzien is in de wegcode voor zover het verkeersbord F17 wordt aangepast. Het is echter de overheid die bevoegd is om hierover – geval per geval – te oordelen. Rechts afslaan bij een kruispunt toont bijvoorbeeld aan hoe moeilijk het is om het verkeer zowel voor bussen als voor gemotoriseerde tweewielers veilig te laten verlopen. M.a.w. je moet elke situatie afzonderlijk beoordelen en geen algemene regels opleggen.”

Touring van zijn kant is gewonnen voor deze maatregel voor zover die op een verstandige manier wordt toegepast.

Snelheid als oorzaak van ongevallen

Volgens het BIVV rijden motorrijders ongeveer 1% van alle afgelegde kilometers, maar zijn zij wel betrokken bij 8% van alle ongevallen en maken zij 14% uit van alle dodelijke verkeersslachtoffers. Motorrijders zijn in deze cijfers dus oververtegenwoordigd.

Een van de belangrijkste oorzaken zou de snelheid zijn. Uit een grondige analyse van motorongevallen met zwaargewonde en dodelijke slachtoffers uit 2013 blijkt dat minstens 1 motorrijder op 3 te snel reed op het moment van het ongeval.

Door de band genomen ligt de snelheid van motorrijders hoger dan die van automobilisten, behalve in een zone 30 (waar die iets lager ligt) en op snelwegen (waar die even hoog is). Het snelheidsverschil is 5 km/u sneller op wegen waar 70 km/u mag worden gereden, 7 km/u sneller op wegen met 1 rijstrook waar 90 km/u de norm is en 4 km/u sneller op wegen met 2 rijstroken waar 90 km/u de maximumsnelheid is.

Wat denken de Touring-respondenten daarvan? 43% van de motorrijders vindt dat ook en dat percentage loopt op tot 70% bij de niet-motorrijders. Dit lijkt dus de conclusies van het BIVV-onderzoek te bevestigen.

En wat met de hoffelijkheid? Hier bestaat geen recent onderzoek naar, maar onze respondenten leken toch eerder positief, aangezien 92% van de motorrijders zichzelf als hoffelijk beschouwt. Dat cijfer ligt een stuk lager bij de niet-motorrijders, namelijk 62,7%. Samengevat zouden we kunnen zeggen dat dit dus nog iets beter kan.

Fiscale stimuli

Uit onze enquête blijkt dat 82% van de motorrijders (en dat is geen verrassing) gunstig tegenover de fiscale stimuli staat die de regering voorstelt inzake woon-werkverkeer en voor beroepsverplaatsingen. Bij de niet-motorrijders is dat 48,4%.

Touring adviseert om rekening te houden met de reële kosten in plaats van gebruik te maken van een kostenforfait van € 0,15/km, op voorwaarde natuurlijk dat bij een eventuele controle facturen en bewijsstukken kunnen worden voorgelegd. Je vindt er meer over in een apart artikel over motorfiscaliteit.

Tot slot willen we de algemene oproep herhalen van onze respondenten (al dan niet lid van Touring) richting werkgevers. Volgens meer dan 90% van de bevraagde motorrijders doen werkgevers niet voldoende om hun werknemers aan te moedigen om een gemotoriseerde tweewieler te gebruiken. Al was het maar op het vlak van parkeergelegenheid, infrastructuur om zich om te kleden, vergoedingen enz. Ook hier is dus nog flink wat werk aan de winkel…

Touring bijstand voor motorrijders

Touring biedt sinds vorige maand een nieuwe, sterk vereenvoudigde bijstandsformule aan die super interessant voor motorrijders. Onder de naam Move On, wordt immers niet langer één voertuig gedekt voor pechbijstand. Het is de persoon (die meerdere voertuigen bezit en gebruikt) die voortaan gedekt wordt én dus ook geholpen in geval van pech, ongeacht het vervoersmiddel waarmee hij of zij op weg is.

Concreet: val je vandaag in panne met de wagen, morgen met de motorfiets of overmorgen met de elektrische fiets… in elk geval kan je rekenen op Touring bijstand. Met Touring ga je gerust op weg, op vier én twee wielen.

Deel deze inhoud